Het gebruik van eigenschappen van de tuin in de creatieve therapie Het gebruik van eigenschappen van de tuin in de creatieve therapie   Methodieken Methodieken Terug naar de begin pagina Home
De behandeling: kenmerken van de tuin, de rol van de therapeut, doelen en methodieken De behandeling: kenmerken van de tuin, de rol van de therapeut, doelen en methodieken   Faciliteiten en budget Faciliteiten en budget
Indicaties en contra-indicaties voor creatieve therapie tuin Indicaties en contra-indicaties voor creatieve therapie tuin   Geschiedenis van de creatieve therapie tuin en recente ontwikkelingen Geschiedenis van de creatieve therapie tuin en recente ontwikkelingen

De behandeling: kenmerken van de tuin,
de rol van de therapeut, doelen en methodieken

1. Werken met levend materiaal
2. Binnen en buiten
3. De tijd
4. Leven, dood en ethiek

5. Identificatie
6. Lichamelijke inspanning
7. Schoonheid
8. Rituelen

 

 

 

1. Werken met levend materiaal

KENMERK
Het groeien en sterven van levende materialen is een autonoom proces. Mensen hebben de keuze al dan niet in te grijpen in dit natuurlijke gebeuren.

ROL VAN DE THERAPEUT
Het creŽren van situaties, waarin de groei van planten zich bevindt in een fase, die is afgestemd op de behoeften van de cliŽnt. Situaties, waarin het plantaardig leven:
- uitnodigt tot directe ervaring
- meer of minder beheersbaar is
- om specifieke voorwaarden vraagt.

DOEL
De cliŽnt kan:
- stilstaan bij zijn belevingswereld, onder andere de beleving van het eigen lichaam
- ordenen en begrenzen
- zelfstandig functioneren
- emoties waarnemen en uitdrukking geven aan gevoelens
- integreren
- bindingen aangaan.

METHODIEK
Het aanbieden van levend materiaal in een kortdurende of langdurende therapie, waarin de gerichtheid op de klacht of het therapeutisch proces centraal staat.

2. Binnen en buiten

KENMERK
Accommodaties voor creatieve therapie tuin omvatten meerdere ruimtes. CliŽnten beschikken daarmee over de keuze uit verschillende omstandigheden, sferen en functies met variaties in veiligheid en uitdaging.

ROL VAN DE THERAPEUT
Zorgen voor de samenhang tussen en de begrenzing van de onderscheiden ruimtes. Het benadrukken van hun bijzondere eigenschappen evenals de betekenis van binnen en buiten ten opzichte van elkaar.

DOEL
De cliŽnt ervaart:
- het verschil tussen binnen en buiten, bijvoorbeeld in klimaat
- de noodzaak om zich in beweging te zetten
- het gevoel van vrijheid buiten of beschutting binnen plus de mogelijkheid om zelf deze   voorwaarden te scheppen elders dan op de   meest voor de hand liggende plek
- orde, grenzen en zelfstandigheid in de beleving van zijn eigen wereld.

METHODIEK
Kortdurende, op gedragsverandering gerichte, therapie of training. In een langdurende therapie fungeren de afzonderlijke kenmerken van binnen en buiten vooral als voorwaarde.

3. De tijd

KENMERK
De tijd is onlosmakelijk verbonden met het wezen van levend materiaal en de gang der seizoenen.

ROL VAN DE THERAPEUT
Voorwaarden scheppen voor het beleven van de tijd door een verband te leggen tussen de groei of het afsterven van planten enerzijds en de weersomstandigheden en de seizoenen anderzijds. Door cliŽnten te laten vormgeven met elementen als groeisnelheid en aan het weer of de jaargetijden gebonden verschijningsvormen ontstaat ordening in de tijd.

DOEL
De cliŽnt kan:
- ordenen en begrenzen
- integreren
- bindingen aangaan.

METHODIEK
Kortdurende of langdurende therapieŽn, waarin de nadruk voor de werkwijze specifiek op de klacht of meer algemeen op het therapeutisch proces ligt.

4. Leven, dood en ethiek

KENMERK
Het spanningsveld tussen leven en dood doet een beroep op mensen. Het vraagt om het maken van ethische overwegingen en het nemen van verantwoordelijkheid. Er bestaan allerlei cultureel geaccepteerde vormen voor† het uiten van destructieve gevoelens.

ROL VAN DE THERAPEUT
Zorgen voor het meer of minder benadrukken van† het spanningsveld tussen leven en dood alsook het aanreiken van plantaardig materiaal, dat mogelijkheden biedt voor het beleven van gevoelens, die samenhangen met groei, vernietiging en verlies.

DOEL
De cliŽnt kan:
- zelfstandig functioneren en begrenzen
- emoties waarnemen en uiting geven aan gevoelens
- bindingen aangaan en rouw verwerken

METHODIEK
Langdurende therapieŽn, waarin het therapeutisch proces centraal staat.

5. Identificatie

KENMERK
De levenswetten van planten ( en dieren) gelden in principe ook voor de mens. In die zin is er een voor de hand liggende verwantschap. Personen herkennen eigenschappen van zichzelf in het levende materiaal. Soms ligt een eigenschap van een plant iemand zelfs na aan het hart, raakt hem.

ROL VAN DE THERAPEUT
Zorg dragen voor een divers aanbod in eigenschappen en verschijningsvormen van planten met de volgende mogelijkheden:
1. de keuze niet expliciet bepalen en de identificatie overlaten aan onverwachte gebeurtenissen in de tuin,
2. de keuze min of meer bepalen en de herkenning overlaten aan de cliŽnt,
3. de nadruk leggen op een eigenschap, een verschijningsvorm of een conflict, zoals zich dat in de natuur voordoet, op een wijze, waar de cliŽnt haast niet omheen kan.

DOEL
De cliŽnt kan:
- zelfstandig functioneren
- omgaan met en uiting geven aan zijn gevoelens
- integreren
- bindingen aangaan.

METHODIEK
Kortdurende en langdurende therapieŽn met een confronterende dan wel een op het therapeutisch proces gerichte werkwijze voor de herkenning en verwerking van de problematiek.

6. Lichamelijke inspanning

KENMERK
Activiteiten in de tuin vergen lichamelijke inspanning, van heel licht tot heel zwaar.

ROL VAN DE THERAPEUT
Zorgen voor de mate en soort van lichamelijke inspanning, die past bij de doelstelling van de therapie.

DOEL
De cliŽnt kan:
- zijn gevoelswereld waarnemen
- stilstaan bij zijn innerlijke wereld en de beleving van het eigen lichaam
- ordenen en begrenzen
- zelfstandig functioneren.

METHODIEK
Kortdurende therapieŽn, zoals de (ortho)agogische variant van creatieve therapie tuin, gedragstherapie en sociale vaardigheidstraining.

7. Schoonheid

KENMERK
In het waarnemen van de natuur en de tuin ligt de ervaring van schoonheid besloten. Naar gelang de persoonlijke smaak en voorkeur bestaat de mogelijkheid om een eigen gevoel voor vorm en kleur te ontwikkelen. Zowel experimenterend als aan de hand van voorgeschreven stijlkenmerken laat schoonheid zich vormgeven.

ROL VAN DE THERAPEUT
Indien het receptieve aspect in de therapie centraal staat: scheppen van omstandigheden, die zintuiglijke waarnemingen bevorderen, en de cliŽnt expliciet vragen naar deze waarnemingen en eventuele associaties.
In het actieve tuinieren: kiezen voor stijlkenmerken, die het beste aansluiten bij de voorkeur en het niveau van de cliŽnt.

DOEL
De cliŽnt kan:
- emoties waarnemen en uiting geven aan gevoelens
- integreren
- stilstaan bij zijn belevingswereld en de ervaring van het eigen lichaam (receptief aspect)
- ordenen en begrenzen (actief aspect)
- zelfstandig functioneren (actief aspect)

METHODIEK
Kortdurende therapieŽn, die gebruik maken van de kunstzinnige en de (ortho)agogische dimensies van creatieve therapie tuin. Langdurende therapieŽn volgens de methode van het creatief therapeutisch proces.

8. Rituelen

KENMERK
Handelingen met voorwerpen en verschijningsvormen uit de natuur of gebruiken met een symbolisch karakter.

ROL VAN DE THERAPEUT
Onderzoek naar het symbolische karakter van de handelingen in relatie tot het doel van de therapie ofwel de Ďtransferwaardeívan het ritueel.

DOEL
De cliŽnt kan:
- stilstaan bij de eigen belevingswereld
- ordenen en begrenzen
- zelfstandig functioneren.

METHODIEK
TherapieŽn, gericht op de klacht of met de nadruk op het therapeutisch proces.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

terug

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

terug

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

terug

 

 

 

 

 

 

 

terug

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

terug

 

 

 

 

 

 

 

 

 


terug

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

terug

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

terug